Drie manieren om HFM-applicatie te starten

De HFM-configuratie biedt veel keuzemogelijkheden rondom instellingen. Eén van de interessante instellingen is ‘DSStartupOption’. Hiermee bepaal je hoe de HFM-applicatie wordt opgestart. Oracle noemt twee opties in haar documentatie. Er blijkt echter ook nog een derde optie te zijn. Wat zijn deze drie opties en welke zou je moeten kiezen?

startblokken

De laatste versie van HFM 11.1.2.4 bracht veel nieuwe mogelijkheden. Sommige toegevoegde functionaliteit zit meer op de achtergrond, in de techniek en andere nieuwe functionaliteit in het ‘consolidatiemanagement’-scherm. Na de patch 11.1.2.4.100 zijn er door de toegevoegde functionaliteit zelfs nog meer instellings-mogelijkheden bijgekomen. (Op dit moment is de nieuwste patch 11.1.2.4.202.)

Eén van deze mogelijkheden is de optie ’Settings’ in de ‘Admin Tasks’. In een serie van blogs gaan we dieper in op meest nuttige instellingen voor HFM. In dit eerste blog beginnen we met de ‘DSStartupOption’.

hfmstartup1

 

DSStartupOption

Oracle noemt twee opties in haar documentatie. Er blijkt echter ook nog een derde optie te zijn:

  • Optie 0 (Default): Start de HFM-applicatie(s) wanneer een gebruiker de applicatie opent, en sluit de applicatie na x aantal minuten.
  • Optie 1: Start de HFM-applicatie(s) direct na een reboot/herstart van Hyperion, en laat de applicatie continu actief.
  • Optie 2: Start de HFM-applicatie(s) wanneer een gebruiker de applicatie opent, en laat de applicatie continu actief.

hfmstartup2

Welke optie is het beste?

De beste optie hangt af van de situatie binnen je organisatie. Wil je de applicatie altijd actief laten zijn? Kies dan optie 1. Het voordeel van deze optie is dat er geen vertraging is wanneer gebruikers inloggen; de gebruiker hoeft niet te wachten totdat de applicatie is opgestart. De applicatie altijd actief laten zijn heeft eigenlijk geen echte nadelen, behalve dat de applicatie altijd in het geheugen is geladen.

Als er sprake is van meerdere applicaties, is het echter verstandig om optie 1 alleen voor de (belangrijkste) productie-applicatie(s) te gebruiken. Laat de andere applicaties op optie 0 (default). Zo zorg je voor het laagst mogelijke geheugengebruik, zodat het geheugen beschikbaar blijft voor andere processen, zoals de consolidatie.

Tekst: Gabor Wieringa

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren